Call us

Atypische Myopathie

Aan het begin van de herfst verliezen vele bomen hun zaden en bladeren, zo ook de esdoorn. De esdoorn is een boom die in de lage landen veel voorkomt en helaas zijn de zaden en bladeren van deze boom erg giftig voor paarden. Wanneer de zaailingen, bladeren of zaden van de esdoorn in de weide terecht komen en paarden deze opeten, kunnen ze atypische myopathie krijgen, een ernstige spierziekte. In dit kennisdossier lees je er alles over.


Atypische myopathie

Atypische myopathie is een ziekte die het functioneren van de spieren van een paard verstoort.  Een eerste melding van de ziekte werd gemaakt in 1984, maar pas sinds 2000 komt de ziekte frequent voor.

Doordat de ziekte redelijk jong is, is er nog niet veel bekend over de oorzaken van atypische myopathie. 

Onderzoek uitgevoerd in zowel Amerika als Nederland wees echter wel al op een verband met de stof hypoglycine A, een stof die voorkomt in de bladeren, zaden en zaailingen van de esdoorn. Wanneer deze stof terechtkomt in het lichaam van een paard, wordt ze omgezet naar een stof genaamd Methylenecyclopropylaceticacid (MCPA). Het effect hiervan is dat de vetzuren in de spieren van het paard niet meer goed afgebroken worden. Deze vetten stapelen zich op en zorgen ervoor dat de celwanden van spieren breken. Het resultaat is dat de spieren, waaronder ook de ademhalingsspieren van het paard, niet meer functioneren.

Risico

De esdoorn is een boom die vrij veel voorkomt in Nederland en België. Er bestaan meer dan 100 soorten esdoorns. De meest voorkomende soorten in onze regionen zijn de Gewone esdoorn, de Noorse esdoorn en de Veldesdoorn of Spaanse aak. Uit Nederlands onderzoek blijkt dat van deze drie soorten, enkel de Gewone esdoorn de giftige stof hypoglycine A bevat.

Naast paarden en pony’s, kunnen ook ezels en zebra’s de ziekte oplopen. Jonge, oude en magere dieren lopen meer risico op een vergiftiging. Naar schatting lopen 10 tot 60 paarden de ziekte op per jaar (in Nederland).

Symptomen

De symptomen die veroorzaakt worden door esdoornvergiftiging kunnen erg snel optreden en verergeren. Een gezond paard kan na vergiftiging binnen de 24 uur sterven.

Wat de symptomen betreft kan een paard soms voorafgaand aan de ernstige symptomen suf en lichtjes stijf zijn. Lichte kolieksymptomen kunnen eveneens een teken zijn van een vergiftiging.

Vaak zijn de symptomen echter direct ernstiger. In een eerste fase kan het paard nog rechtstaan en heeft het spierrillingen, zweet het en is het erg stijf. Vaak is het paard suf en houdt het zijn hoofd laag. De blaas is soms opgezet en het paard scheidt donkere urine uit.

Doordat de spieren aangetast worden zal het paard moeilijker kunnen slikken, met risico op een slokdarmobstructie en zal het ook steeds moeilijker kunnen ademhalen. Hierdoor versnelt de hartslag en verhoogt de hartslag van het paard. In een volgende fase ligt het paard meestal op de grond en is het erg moeilijk recht te krijgen. Het paard is volledig stijf en beweegt niet meer.

Wanneer er echter geen onmiddellijk toezicht is, gebeurt het echter ook vaak dat een paard dood teruggevonden wordt op een weide zonder duidelijke aanwijzingen rond de oorzaak van het overlijden.


Behandeling en verloop

Er wordt steeds vaker gewaarschuwd voor Atypische myopathie en de ziekte wordt ook steeds sneller herkend. De ziekte kan gediagnosticeerd worden op basis van de hierboven genoemde symptomen en bloedonderzoek.

Helaas is er nog steeds geen echte behandeling voor handen en blijft de ziekte nog steeds erg dodelijk: minstens 70% van de paarden bij die de ziekte vastgesteld wordt, sterft en dit vaak binnen de drie dagen na het oplopen van de vergiftiging. Toch zijn er enkele maatregelen die genomen kunnen worden wanneer er een vermoeden is van esdoornvergiftiging:

  • Het paard wordt best zo weinig mogelijk verplaatst, maar wordt wel naar de dichtstbijzijnde stal of schuilplaats gebracht
  • De temperatuur moet gecontroleerd worden. Wanneer de temperatuur te laag is, kan een deken opgelegd worden. Bij veel zweten dient het paard drooggewreven te worden om de temperatuur niet te laten dalen.
  • Het is best om het paard een klein beetje krachtvoer te geven

Een dierenarts kan een infuus geven, naast ontstekingsremmers, pijnstillers en medicatie om het functioneren van de spieren te ondersteunen.

Sommige paarden overleven een vergiftiging. Zij kunnen volledig herstellen, al zijn er ook paarden die hartritmestoornissen overhouden aan atypische myopathie. Doorgaans zijn de kansen op overleving groter wanneer het paard recht blijft staan, het niet in ademnood geraakt en een normale lichaamstemperatuur behoudt.


Voorkomen

De belangrijkste preventieve maatregel is het voorkomen van de opname van bladeren, zaden en zaailingen. Idealiter beschik je, zeker in de periode tussen oktober en mei, over een weide waar geen esdoornbomen in de buurt staan. Je kan dit echter niet altijd kiezen én de bladeren en zaden van de esdoorn kunnen in de lucht grote afstanden afleggen en toch nog in de weide terecht komen. Het valt dus aan te raden om altijd waakzaam te zijn in de periode tussen oktober en de eerste vorst, en in de lente.

De herfstperiode is de meest gevaarlijke periode: op dit moment verliest de esdoorn zijn giftige zaden en bladeren. Vooral op dagen met veel wind en reden verspreiden de zaden en bladeren zich snel en over verre afstanden. Controleer daarom regelmatig je weide bladeren of zaden van de esdoorn. 


In de lente kunnen bijkomend zaden die zijn blijven liggen ontkiemen en als zogenaamde zaailingen naar boven komen en deze zaailingen zijn eveneens giftig! In deze periode is het daarom eveneens aan te raden je weides te controleren.

Wanneer je zaden, zaailingen of bladeren vindt, kan je deze met de hand verwijderen. Daarnaast zijn sommige selectieve herbiciden die effectief zijn tegen netels en distels, ook geschikt om esdoornscheuten te verwijderen. Bijkomend is het belangrijk om steeds voldoende voer te voorzien voor de aanwezige paarden, zodat ze niet in de verleiding komen te eten van planten (zoals de esdoorn) die giftig zijn. In het voor- en najaar is het tot slot geen overbodige maatregelen om paarden die zich in een risicogebied bevinden, water uit de kraan te geven in plaats van water uit bijvoorbeeld een beek, poel of put waar zaden en bladeren in kunnen belanden.

Wanneer een paard vergiftigd geraakt, is het belangrijk de weide niet meer te gebruiken voor andere paarden in de periode tussen oktober en eind mei om een bijkomende vergiftiging te vermijden.

Bronnen: Paardenpunt Vlaanderen | Paardenarts.nl
Foto's: Google

edit afsluiten